Inhoudsopgave
Door Frank
9 maart 2026 — 7 minuten lezen
Politieke partijen adverteren volop op Facebook en Instagram in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart. Dit terwijl moederbedrijf Meta al sinds februari 2025 politieke advertenties verbiedt in Europa. De NOS constateert dat het verbod in de praktijk niet werkt: partijen vinden eenvoudig mazen in het beleid, terwijl overheden wél worden geraakt.
Drie takeaways:
- Het Meta-verbod op politieke reclame treft vooral overheden die informatiecampagnes voeren, niet de politieke partijen zelf
- Politici adverteren via persoonlijke pagina's in plaats van partijaccounts en omzeilen zo systematisch de nieuwe regelgeving
- Gemeenten en provincies verliezen toegang tot hun belangrijkste bereikkanaal voor burgerparticipatie en dienstverlening
Wat gebeurt er precies?
Sinds februari 2025 verbiedt Meta alle politieke advertenties en reclame over 'maatschappelijke kwesties' op Facebook en Instagram in de EU. Het besluit kwam er na jarenlange druk van toezichthouders en nieuwe Europese wetgeving die transparantie eist over wie politieke ads betaalt en hoeveel dat kost. Meta vond die regels te ingewikkeld en koos voor een totaalverbod.
Maar in de praktijk werkt het verbod nauwelijks. De NOS signaleert volop campagnes van politieke partijen in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen. Hoe kan dat? Politici adverteren simpelweg via hun persoonlijke profielen in plaats van via officiële partijaccounts. Volgens Meta-woordvoerders vallen dergelijke ads niet onder het verbod, zolang ze niet expliciet namens een partij worden geplaatst.
De paradox: overheden die burgers willen informeren over verkiezingen of beleid raken wél hun advertentiemogelijkheden kwijt. Kenniscentrum Europa Decentraal analyseert dat decentrale overheden informatiecampagnes strikt neutraal moeten houden, anders worden ze afgekeurd als politieke reclame. Het verbod treft dus de verkeerde doelgroep.
Wie profiteert en wie betaalt de rekening?
Politieke partijen hebben de workaround snel gevonden. In België adverteren politici zoals Frédéric De Gucht (Open VLD) en Valerie Van Peel (N-VA) nog altijd via persoonlijke profielen, blijkt uit onderzoek van VRT. De Gucht verdedigt zich: "De campagnes zijn bedoeld om mijn pagina te volgen. Ik verspreid geen politieke boodschap of probeer mensen te beïnvloeden."
Die redenering is ingewikkeld, een oproep om een politicus te volgen ís politieke communicatie, zeker in verkiezingstijd. Maar Meta handhaaft selectief: de algoritmes herkennen het verschil tussen een partijaccount en een politicus op persoonlijke titel niet consequent.
Intussen zitten gemeenten, provincies en waterschappen met de gebakken peren. Frankwatching constateert dat voor decentrale overheden vrijwel zeker het einde komt voor Meta-advertenties. Dat raakt hard: Facebook en Instagram zijn voor veel overheden het primaire kanaal om jongeren en laaggeletterden te bereiken met informatie over afvalscheiding, vaccinaties of subsidies. Alternatieven zoals Google Ads of LinkedIn bereiken andere doelgroepen en zijn vaak duurder.

Wat betekent dit voor mediabudgetten?
De consequenties voor marketingbudgetten zijn aanzienlijk. Overheden die 30 tot 40 procent van hun digitale mediabudget aan Meta-platforms besteedden, moeten nu snel omschakelen. iBestuur meldt dat veel gemeenten hun budgetten al hebben verschoven naar Google Display, YouTube en in enkele gevallen TikTok.
Maar die switch is kostbaar. De CPM (cost per mille, oftewel kosten per 1.000 vertoningen) ligt op Google Display gemiddeld 20 tot 30 procent hoger dan op Facebook. Bovendien missen overheden de targetingopties van Meta: denk aan het bereiken van inwoners in specifieke wijken met boodschappen over lokale voorzieningen.
Voor politieke partijen verandert er vooralsnog weinig. Zij kunnen blijven adverteren via persoonlijke profielen van politici, met dezelfde budgetten en targetingmogelijkheden. Frankwatching adviseert overheden vijf alternatieven te verkennen: Google Ads voor zoekgerichte campagnes, YouTube voor video, programmatic display via Nederlandse SSP's, LinkedIn voor B2B-doelgroepen en eigen nieuwsbrieven voor directe relaties. Geen van die kanalen biedt echter de combinatie van bereik, targeting en betaalbaarheid die Meta lang leverde.
Welke actie is nu nodig?
Voor marketingdirecteuren bij overheden is de boodschap helder: diversifieer nu. Binnenlands Bestuur adviseert campagnes strikt neutraal te houden en gevoelige onderwerpen te vermijden. Maar wat precies als 'maatschappelijke kwestie' geldt, blijft onduidelijk. Is een campagne over duurzaamheid toegestaan? En informatie over integratie?
Die onduidelijkheid dwingt tot voorzichtigheid. Overheden moeten hun contentstrategie aanpassen: minder campagnematig, meer organisch bereik via eigen kanalen. Dat vergt investering in community management, nieuwsbrieven en SEO. Voor veel gemeenten met beperkte communicatieteams is dat een uitdaging.
Politieke partijen daarentegen kunnen voorlopig blijven adverteren, zolang Meta de handhaving niet aanscherpt. Maar het is kwestie van tijd voordat de Europese toezichthouders ingrijpen. De EU-regelgeving vereist transparantie, ongeacht of een ad namens een partij of een politicus wordt geplaatst. Zodra Meta gedwongen wordt de regels strikt toe te passen, verdwijnt ook voor partijen de mogelijkheid om via persoonlijke profielen te adverteren. Marketing- en campagneteams doen er verstandig aan alvast alternatieven te testen, voordat die deur definitief dichtgaat.
Frank is coordinator van frank.news, het AI-first editorial platform voor Nederlandse marketing-, reclame- en communicatieprofessionals.
Bronnen & verder lezen:
- https://nos.nl/l/2605591
- https://www.frankwatching.com/archive/2025/08/04/meta-ads-bij-de-overheid/
- https://www.binnenlandsbestuur.nl/digitaal/meta-weigert-advertenties-over-maatschappelijke-kwesties
- https://ibestuur.nl/markt-en-overheid/inkoop-en-aanbesteding/kunnen-overheden-nog-adverteren-op-facebook-of-instagram
- https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2026/03/04/politici-plaatsen-nog-steeds-politieke-advertenties-op-meta/