Inhoudsopgave
Door Frank
1 april 2026 — 12 minuten lezen
Unilever verkoopt zijn voedingsdivisie met iconische Nederlandse merken als Calvé, Knorr en Unox aan de Amerikaanse kruidenproducent McCormick. De merken presteren goed, maar groeien onvoldoende voor de strategie van Unilever. Voor Nederlandse marketeers rijst nu de vraag: blijven deze merken bestaan, of volgen ze het lot van Smith's chips?
Drie takeaways:
- McCormick neemt merken over die goed presteren maar te langzaam groeien: niet omdat ze slecht zijn, maar omdat ze niet in Unilevers strategie passen
- Merknaamverandering is onwaarschijnlijk: de lokale merkwaarde van Calvé en Knorr is te groot om te riskeren, zoals eerdere mislukte rebrands hebben bewezen
- Mediabudgetten en merkstrategie blijven waarschijnlijk lokaal, maar innovatietempo en internationale campagnes kunnen onder druk komen te staan

Waarom Unilever afscheid neemt van winstgevende merken
De deal is helder: Unilever voegt zijn voedingsdivisie samen met McCormick in een nieuwe joint venture, waarin McCormick de meerderheid heeft. Bekende merken als Calvé pindakaas, Knorr soepen, Unox worst en Hellmann's mayonaise gaan over naar Amerikaanse handen. Volgens de NOS gaat het om een deal ter waarde van miljarden, waarbij McCormick 57,5 procent van het nieuwe bedrijf in bezit krijgt.
Joost Schmets van de Vereniging van Effectenbezitters legt in het AD uit waarom Unilever deze stap zet: "Het is niet dat deze merken slecht presteren. De marges en rendementen zijn behoorlijk, maar de groei is er simpelweg uit." Unilever richt zich steeds meer op categorieën met dubbele groeicijfers, zoals beauty en personal care. Voedingsmiddelen passen daar niet meer in.
Deze beweging past in een langere trend. Unilever deed eerder al afstand van Conimex, De Vegetarische Slager, Magnum-ijs, Becel margarine en Lipton. De ijsdivisie werd vorig jaar afgesplitst. Wat overblijft is een concern dat zich focust op producten met hogere marges en snellere groei, aldus de AD.
Het precedent: wat gebeurde er met Smith's chips?
De vraag die Nederlandse marketeers nu bezighoudt: verdwijnen deze merken, of krijgen ze een Amerikaanse naam? Het precedent van Smith's chips is veelzeggend. Toen PepsiCo dat merk overnam, verdween de naam Smith's in 2001 uit Nederland en werd het omgedoopt tot Lay's. De lokale merkherkenning werd opgeofferd aan internationale schaalvoordelen.
Maar Calvé en Knorr zitten anders in elkaar. Deze merken hebben een dominante marktpositie in Nederland en omliggende landen. Calvé pindakaas heeft hier een marktaandeel van meer dan 60 procent. Knorr is marktleider in soepen en bouillon. Die posities gooi je niet zomaar weg voor een Amerikaans label.
De AD citeert een analist die stelt: "Ze zouden wel gek zijn om ermee te stoppen." De merkwaarde is te groot. Bovendien heeft McCormick ervaring met het beheren van lokale merken. Het bedrijf bezit wereldwijd meer dan honderd merken, waarvan veel een sterke regionale identiteit hebben. Een volledige rebranding naar een Amerikaans merk zou meer kapot maken dan opleveren.

Wat betekent dit voor mediabudgetten en merkstrategie?
Voor marketing directors en CMO's is de vraag nu: wat verandert er concreet? Op korte termijn waarschijnlijk weinig. McCormick heeft beloofd het internationale hoofdkantoor van de nieuwe onderneming in Nederland te vestigen. Volgens NRC blijven de Nederlandse activiteiten rond onderzoek en ontwikkeling grotendeels intact. Minister Beljaarts heeft hierover contact gehad met zowel Unilever als McCormick.
Toch zijn er risico's. Amerikaanse eigenaren hebben vaak een andere kijk op marketinginvesteringen. Waar Unilever decennialang investeerde in lokale campagnes en sponsoring, kan McCormick kiezen voor meer gestandaardiseerde, schaalbare campagnes. Dat kan betekenen: minder maatwerk, meer global assets, en een verschuiving van ATL naar performance marketing.
Een ander aandachtspunt is innovatie. Unilever investeerde fors in productinnovatie voor de Nederlandse markt, denk aan plantaardige varianten van Unox of nieuwe smaken Calvé. Als die investeringen worden gecentraliseerd in de VS, kan het tempo van lokale innovatie afnemen. Voor Nederlandse bureaus kan dat betekenen: minder pitches voor conceptontwikkeling, meer executie van global kampagnes.
Drie acties voor marketeers die met deze merken werken
Wie als mediatbureau of marketeer werkt met deze merken, kan zich nu voorbereiden op drie scenario's. Ten eerste: versterk de lokale relevantie. Zorg dat je aantoont waarom Nederlandse campagnes meetbaar beter presteren dan global templates. Bouw die business case nu al, voordat Amerikaanse decision makers vragen stellen.
Ten tweede: anticipeer op budgetverschuivingen. Amerikaanse FMCG-bedrijven sturen sterker op ROAS en kortetermijnresultaten. Dat kan betekenen: meer budget naar digital en retail media, minder naar brand building. Als je nu nog zwaar inzet op TV en OOH, bouw dan alvast cases voor alternatieven.
Ten derde: blijf dicht op de organisatie. Een fusie betekent altijd verschuivingen in beslissingsbevoegdheid. De Nederlandse marketingdirecteur van vandaag rapporteert straks mogelijk aan een global VP in Baltimore. Zorg dat je weet wie straks de budgetten tekent, en bouw die relaties nu al op. Een beursnotering in Amsterdam, waar minister Beljaarts op aanstuurt, zou helpen om Nederlandse invloed te behouden, maar dat is nog geen zekerheid.
Merktransities en Consumentenperceptie: Strategie 2026
Download het volledige playbook en zet jouw kennis direct om in actie.

Bronnen & verder lezen:
- https://nos.nl/artikel/2608532-calve-en-andere-unilever-merken-worden-amerikaans-kans-op-beursnotering-in-nl
- https://www.ad.nl/economie/hoe-amerikaans-bedrijf-oer-hollands-merk-calve-in-handen-krijgt-ze-zouden-wel-gek-zijn-om-ermee-te-stoppen~a48ca2f3/
- https://www.parool.nl/nederland/unilever-verkoopt-merken-als-calve-en-knorr-aan-amerikaans-bedrijf-ze-zouden-wel-gek-zijn-om-ermee-te-stoppen~b48ca2f3/
- https://www.nrc.nl/nieuws/2026/03/31/voedingstak-unilever-samen-met-kruidenmaker-mccormick-nederland-behoudt-internationaal-hoofdkantoor-a4924442